De Brechtse humanisten

  • Humanisme

De eerste ‘tekenen’ van het humanisme zijn terug te vinden in het Italië van 1350-1550. Het ‘cultuurfenomeen’ zette de mens centraal en legde de nadruk op onder andere de idealen van vrijheid, gelijkheid en menselijke waardigheid. Tevens werd er veel aandacht geschonken aan de oude klassieke denkers en schrijvers. Een uitdrukking hiervan is de latinisering van hun namen, zoals Leys ‘Lessius’ werd.

In deze nieuwe geestesstroming kunnen er verschillende Brechtenaren geplaatst. Tot op de dag van vandaag zijn er verwijzingen naar de Brechtse humanisten. Zo zijn er verschillende straatnamen naar hen genoemd: ‘J. De Costerstraat’, ‘Mudaeusstraat’, ‘Lessiusstraat’ en ‘J. van der Nootstraat’. Het Brechtse gemeenschapscentrum kreeg de naam Jan vander Noot en een aantal zalen binnenin verwijzen ook naar de Brechtse 16de eeuwse humanisten : Mudaeuszaal, Lessiuszaal en Custoszaal. Ook in het Kempisch Museum is er een tentoonstellingszaal volledig gewijd aan deze bekende Brechtenaren. Daarenboven staan er in de gemeente nog enkele standbeelden van deze humanisten, zoals het Lessiusstandbeeld naast de Sint-Michielskerk en het Mudaeusstandbeeld op de Gemeenteplaats.
 

  • Joannes Custos

Jan De Coster werd in Brecht geboren rond het jaar 1475. In een Leuvens matrikel (inschrijvingslijst van studenten) van november 1493 staat de naam van Jan De Coster te lezen. Hij studeerde aan de faculteit van vrije kunsten aan de universiteit in Leuven. In 1496 werd hij bekroond als primus in de wijsbegeerte. Voor deze gelegenheid werd er in Brecht gefeest. Naar traditie werd er een grote stoet gevormd en werden de klokken geluid. Custos verdiepte zich in de Latijnse spraakkunst en streefde naar een verbetering van het Latijnonderwijs. Na zijn verblijf in onder andere Leuven, Groningen en Antwerpen, keerde hij in 1515 terug naar zijn geboortedorp en opende er een Latijnse school in ‘Het Schaliënhuis’, later ‘Rome’ genaamd. Menig student aan de Leuvense universiteit was voorbereid in Custos’ Latijnse school. Custos zelf zou er onderwijs geven tot zijn dood op 20 oktober 1525. Hij werd in de Sint-Michielskerk begraven.

  • Gabriel Mudaeus

Gabriel Van der Muyden werd in 1500 in Brecht geboren en ontving zijn doopsel in de (toen recent gebouwde) Sint-Michielskerk. Dankzij Joannes Custos maakte Mudaeus kennis met het humanisme. Mudaeus ging filosofie studeren aan de universiteit van Leuven waar hij kennis maakte met Erasmus en in 1523 uitgeroepen werd tot primus. Dit werd gevierd in Leuven en Brecht! Na zijn studiereis door Frankrijk propageerde hij als professor Romeins recht de nieuwe ‘historische methode’. In een heldere taal zette hij de overtuiging uiteen dat wetten uit feitelijke gebeurtenissen gegroeid waren en dat de historische context dus van groot belang was bij de rechtenstudie. Mudaeus had een invloedrijke rol als hoogleraar en zijn leer kreeg navolging bij een groot aantal van zijn leerlingen. Op 21 april 1560 stierf Mudaeus. Op de Gemeenteplaats werd in 1865 zijn standbeeld ingehuldigd.

  • Jan van der Noot

Jan Baptista van der Noot (ca. 1539- ca. 1599) werd geboren op het ‘Hof van Pulle’ in Brecht, beter bekend als ‘Verbrand Hof’. Hij stamde af van een van de voornaamste adellijke geslachten van Brabant en kreeg een geleerde en veelzijdige opvoeding. Zijn eerste Latijn heeft hij waarschijnlijk geleerd in de Brechtse Latijnse school. Als edelman begon hij al vrij vroeg verzen te schrijven. Omwille van zijn engagement tijdens de Calvinistische opstand in Antwerpen in 1567 moest hij vluchten naar Londen, waar hij zijn dichtbundel ‘Het Theatre oft Tooneel’ schreef. Na zijn verblijf in Frankrijk en het Rijnland, keerde hij in 1578 terug naar de Nederlanden. Vanaf dan moest hij in zijn eigen levensonderhoud voorzien, daarom droeg hij zijn gedichten op aan edelen en rijke kooplui. Jan van der Noot koesterde het grote verlangen van de Italiaanse Renaissance: gelauwerd te worden. Zo laat hij zich ook meermaals afbeelden.

  • Leonardus Lessius

Lenaert Leys, beter bekend als Leonardus Lessius (1554-1623) is waarschijnlijk de meest gekende humanist die Brecht heeft voortgebracht. Al vroeg wees geworden, ging hij inwonen bij zijn oom in Sint-Lenaarts. Dankzij een beurs kon hij gaan studeren in het Attrechtcollege in Leuven. In de pedagodie ‘Het Varken’ werd hij in 1571 primus in de filosofie. Hij bekwaamde zich in de Griekse taal, wiskunde, geschiedenis en beide rechten. In 1583 verbleef hij in Rome om er theologie te studeren. Daar maakte hij kennis met de juridische en moraliserende ideeën van de School van Salamanca en hun impact op het economisch leven. Terug in Leuven doceerde hij een cursus scholastieke theologie. Omwille van zijn slechte gezondheid moest hij in 1600 het lesgeven stopzetten. Lessius publiceerde over vele, uiteenlopende onderwerpen : zowel over geneeskunde als over oorlogsrecht, de mysticus Ruusbroec, theologie en economische ethiek. Vandaag worden vooral zijn economische theorieën bestudeerd. Lessius was niet alleen de voorloper van heel wat moderne economische begrippen, hij was ook belangrijk omdat hij de maatschappelijke rol van de financiële wereld benadrukte en er een ethische code voor opstelde. Op 15 januari 1623 stierf Lessius in Leuven.

Meer weten?